03: Ieper (25/03/18)

Als voorbereiding op mijn zomertocht nog een wandeling, dit keer doorheen de slagvelden van WO1 in Ieper en omstreken. Oorspronkelijk had ik een route van bijna 26 kilometer uitgestippeld. De verkeerde trein (trage stoptrein ipv snelle IC-trein naar Gent) en dan een half uur oponthoud in Komen omwille van één of andere wielerwedstrijd (dat bleek Gent-Wevelgem te zijn, allicht de beloften of dergelijke, want de pro’s stonden naar het schijnt later op het programma) zorgden ervoor dat we meer dan een uur na de geplande starttijd zouden vertrokken, dus kort na 12 uur.

Om niet te laat thuis te komen, de treinrit tot Brussel duurt toch makkelijk 2 uur en slecht 1 trein elk uur, moesten we ten laatste om 18u15 terug aan het station van Ieper staan. Zo gezegd, zo gedaan.

Om iets na twaalven gingen via de stadsomwalling, destijd door Vauban gebouwd, richting Menenpoort. Mijn medewandelaars, vooral buitenlanders, stonden vol verbazing te gapen naar de 55.000 namen van vermiste Commonwealth-soldaten. Als ik er dan nog bij vertelde dat er op Tyne Cot Cemetery nog eens 30.000 namen van vermiste soldaten genoemd worden, werd het wel even stil. Maar lang konden we niet stilstaan bij het imposante monument dat de Menenpoort vandaag is. Verder ging het richting Hellfire Corner. Zo genoemd door de Engelstalige soldaten, omdat dit punt destijds al een belangrijk knooppunt was en continu door de Duitsers onder vuur genomen werd. Zo lag hier voor de oorlog ook een spoorlijn richting Roeselare. De loop van die oude spoorlijn komt nu overeen met de N37 die NO-waarts loopt en bij Zonnebeke overgaat in een fietspad.

We lopen verder langs de Meenseweg en slaan even voorbij Birr Crossroads Cemetery linksaf. De Begijnbosstraat leidt ons naar wat overblijft van de zogenoemde Railway Wood, daar ligt even verder een memorial voor enkele tunnelbouwers die aan dit stuk van het front het leven lieten bij de bouw van een mijn. Zulke mijnen, of tunnels, werden onder de stellingen van de vijand gegraven en daarna tot ontploffing gebracht. Het kraterbos, dat net achter het monument ligt, is daar nog een stille ooggetuige van. Dat klein bosje ligt bezaaid met kraters van mijnontploffingen, grotendeels uit de eerste helft van 1917.

We lopen verder tot aan het Hooge Crater Museum. Daar kan een private collectie van oorlogsrelikwieën bezichtigd worden. De Hooge Crater is genoemd naar het gelijknamige kasteeldomein Hooge. Het kasteel dat daar stond werd tijdens de gevechten vernietigd. De krater ontstond in 1915. We houden op de berm halt om onze lunch op te eten, tegenover de militaire begraafplaats.

Van hieruit gaat het langs de Meenseweg terug richting Birr Crossroads en slaan we daar af. We begeven ons naar het dorpje Zillebeke dat tijdens de oorlog binnen het loopgravenstelsel van de Britten lag. O.a. Perth Cemetery and Tuileries Cemetery zijn maar enkele getuigen van die bittere strijd. Aan het Sint-Catharinakerkje van Zillebeke liggen ook nog enkele Commonwealth-soldaten begraven. In het kerkje zijn er nog enkele glas-in-loodramen die destijds door families van gesneuvelden geschonken werden voor de heropbouw van de kerk. Jammer genoeg was het kerkje bij onze aankomst gesloten.

Via de Zandvoordestraat trekken we oostwaarts en komen we aan een gedenkteken voor het 15de Canadese bataljon. Zij leverden hier in juni 1916 zware strijd met de Duitsers en konden zich als enige bataljon staande houden bij een Duitse tegenaanval. Deze plaats werd ook Observatory Ridge genoemd, omdat je vanhieruit een zicht had op de wijde omgeving. O.a. Hill 62 (waar nu een Canadese memorial staat met een 360° panoramisch zicht) en Hill 61 (Mount Sorrell) zijn van hieruit ook te zien. Het is moeilijk voorstelbaar hoe dit landschap er hier 100 jaar geleden moet hebben uitgezien en de hoge aantallen soldaten die hier omkwamen in de strijd om enkele tientallen meters modder.

Ik neem mijn wandelgenoten nu mee naar Hill 60. Eerst komen we langs enkele memorials en een panoramische foto van tijdens de oorlog geeft ook je ook een beeld van de omstandigheden. Tenslotten komen we aan bij de Caterpillar Crater, een enorme krater die hier ontstond toen de Britten op 7 juni 1917 een mijn lieten ontploffen. Dit was trouwens één van de bijna 30 locaties over het hele front waar simultaan mijnen tot ontploffing gebracht werden. Veel impact hadden die mijnontploffingen uiteindelijk niet, behalve ontelbare doden aan Duitse kant. Zoals een Brite generaal het stelde: “Maybe we won’t change history, but at least we will change the geography of the place.”

Om te eindigen trekken we langs de Komenseweg terug naar Ieper. We komen nog langs de Railway Dugouts cemetery, die net naast de spoorlijn ligt. Via de Rijselseweg komen we aan in Ieper Centrum en gaan van daaruit terug naar het station. Uiteindelijk kwamen we aan een totale afstand van 21,5 km en waren we net op tijd voor de trein terug naar huis.

Routekaart: