Dag 19

Datum: Donderdag 22/08/2019
Etappe: Refuge de Longon > Saint-Martin-Vésubie

Afstand: 30,8 kilometer
Stijgingsmeters: 1248m / Dalingsmeters: 2177m

Weer: Zonnig 22°C

Vandaag verlaat de GR5 het hooggebergte en komen we stilaan in het middelgebergte dat het grootste deel van het hinterland van Nice uitmaakt. Er maakt zich een zekere euforie van me meester. Ik ben erg blij dat het avontuur stilaan op z’n einde loopt. Het vele stijgen en dalen begint ook mij stilaan teveel te worden. Niet dat ik het fysiek niet aankan, maar met mijn gedachten zit ik al bij de laatste etappe en het zicht op de zee.

Gelukkig zijn de laatste vier etappes, hoewel anders qua landschap, best wel te smaken. Het begint al met een prettige afdaling van de refuge de Longon (ca 1880m) naar het dorpje Saint-Sauveur-sur-Tinée (490m). Vijfhonderd meter na de start van de etappe krijg je al een eerste vergezicht op de valleien van de Longon en de Tinée. Het duurt niet lang eer ik de hele bende inhaal die een paar minuten voor me vertrokken is. Zij hebben van de refuge twee ezels meegekregen die ze even voorbij het gehucht Rougios aan hoogtepunt 1466 moeten afzetten. Dat zorgt voor enkele hilarische momenten. Daarna is het even vlak waarna het tweede deel van de afdaling volgt. Onderweg passeren we het pittoreske dorpje Roure. Aan het kerkpleintje loop ik de trappen langs het heuveltje omhoog. Hier heb je een mega zicht op het dorpje en de vallei. Ik kan me wel voorstellen om hier te wonen, ver van de drukte van grote steden en toch nog dicht genoeg bij de civilisatie voor menselijk contact. Na een poosje gaat het verder en komen we een mooie dame tegen die het pad aan het vegen is. Zij nodigt ons uit om een gratis foto-tentoonstelling te bewonderen in één van de huisjes. Er staan inderdaad prachtige natuurfoto’s tentoongesteld.

Kort voor elf uur komen we aan in Saint-Sauveur. Tijdens de afdaling ben ik de groep kwijtgeraakt. Blijkbaar kon ik niet wachten om beneden aan te komen en liep dus te snel. Ik vind een klein supermarktje waar ik drank insla en een middageten op de kop tik. Dan nog even langs de bank voor geld. Niet veel later komt ook de rest van de groep aan. Ik hoor van iemand dat Vladimir een lift genomen heeft. We maken een groepsfoto en niet veel later passeert Vladimir inderdaad. Hij blijkt plots gelanceerd, want hij gaat aan een verschroeiend tempo de volgende berg omhoog. Het duurt echter niet lang vooraleer ik hem en de Zwitserse dames voorbijwandel. Het pad loopt over een brede grindweg langs een ravijn. Niet erg prettig en ik loop voortdurend tegen de bergflank aan. Bijna in Rimplas aangekomen kijk ik achterom, maar ik kan Vladimir nergens bespeuren. Kennelijk is hij zichzelf tegengekomen door zo snel omhoog te wandelen.

Rimplas (1008m) is ook een leuk en rustig dorpje. Lang vertoeven we er echter niet. Met Marco en Alexandre daal ik een eind voor we aan de laatste berg van de dag beginnen. Alledrie beginnen we toch wat moeite te krijgen. Aan het lyceum van La Bolline houden we even halt op de bankjes die er staan. Alexandre heeft blijkbaar nog niet gegeten en ik kan eerlijk gezegd ook nog een hapje verdragen. Terwijl we eten komen de drie Zwitserse dames aan. Alexandre en ik maken ons klaar om afscheid te nemen van het groepje, want verderop in Saint-Dalmas-de-Valdeblore (1245m) scheiden onze wegen sowieso en wij moeten daarna nog doorstappen naar Saint-Martin-de-Vésubie waar Alexandre een hotel heeft geboekt. We staan op het punt te vertrekken als Philippe erbij komt. Nu kunnen we echt vertrekken.

In Saint-Dalmas trakteer ik Alex op een ijsje en dan beginnen we aan laatste steile klim naar de Col Saint-Martin (1500m) en het bizarre skidorp La Colmiane. Inmiddels heeft de blauwe hemel plaatsgemaakt voor grijze wolken en terwijl we dalen vallen enkele druppels, maar een echte stortbui zit er niet in. Hogerop in de Mercantour horen we het wel donderen. Dat voorspelt weinig goeds voor diegenen die er nu wandelen.

Om 17u20 arriveren we in Saint-Martin-Vésubie (927m) waar een bedrijvige drukte heerst. Ik moet ook nog op zoek naar een slaapplek. Lang zoeken wil ik niet en laat het Office de Tourisme even rondbellen voor een kamer. Later op de avond spreken Alex en ik af voor het avondeten. Dat doen we in één van de vele pizzeria’s die het stadje rijk is. Daar bespreken we ook de etappe van morgen. We hadden in Saint-Étienne-de-Tinée een topografische TOP100-kaart (schaal 1:100.000) gekocht. Ik rekende snel uit dat we een goede 2000 hoogtemeters en zo’n 35 kilometer zouden moeten overwinnen tot de Col de Turini. Op tijd gaan slapen en vroeg vertrekken is dus de boodschap!

2019-GR5-Day19-Profile